Deze kringloopboeren helpen kansarmen aan een baan

01-02-2017
Door: Katja Keuchenius
Bron: OneWorld
De aquaponic bassins
Reportage – 

Stadslandbouw hoeft niet alleen maar leuk te zijn. Verschillende sociale ondernemers maken er een serieuze business van. Met duurzame en arbeidsintensieve aquaponics willen zij mensen weer de arbeidsmarkt in trekken.

Jos Hakkennes (53) tilt een vlot vol paarse basilicum uit het water en bekijkt de slierten wortels die eronder hangen. “Af en toe komt er wel eens een slakje mee”, zegt hij.  Ongedierte moet hij met de hand verwijderen, want  bestrijdingsmiddelen komen niet voor in zijn sociale onderneming Duurzame Kost. Hakkennes bouwt midden in een industrieel gebouw op Strijp S in Eindhoven een gesloten aquaponicssysteem. Er wordt water rondgepompt langs verschillende tanks met sla, bacteriën of vissen.  Het enige wat Hakkennes aan deze kringloop hoeft toe te voegen, is een koffiebekertje visvoer per dag. Dat levert vissenpoep op. De bacteriën zetten die poep vervolgens om in voedingstoffen voor planten. En de planten schonen het water uiteindelijk weer op voor de vissen. Zo oogst Duurzame Kost straks vis en bladgroenten, zonder het water te hoeven verversen. “We kúnnen niet eens knoeien met chemicaliën”, zegt Hakkennes, “want bestrijdingsmiddelen op de planten zouden de vissen ziek maken en antibiotica in het visvoer zouden de bacteriën doden.”

Het voelt niet heel natuurgetrouw aan, op de vijfde verdieping van het voormalige Philipsterrein. Hier kan Hakkennes de omgeving dusdanig conditioneren dat alles zo intensief mogelijk groeit. Er vliegen bijvoorbeeld nauwelijks insecten binnen en temperatuur- en lichtschommelingen heeft Hakkennes perfect onder controle. “Het is hier altijd lente”, grijnst hij.  Een roze lente dan, want dat is de kleur die met een optimale golflengte uit de led-verlichting schijnt.

Altijd lente
Tot nu toe komt aquaponics vooral voor in de natuurliefhebbende permacultuursferen. Daar wil Hakkennes zijn systeem bovenuit tillen. “Ik maak gebruik van waar de Nederlandse landbouw groot mee is geworden: intensivering.” Zonder ‘door te slaan’, zoals hij nu ziet gebeuren met giftige stoffen en verminderd dierenwelzijn, wil hij laten zien dat aquaponics ook grootschalig en commercieel kan worden opgezet. Hij wil anderen zo het goede voorbeeld geven en heeft al plannen voor een grotere locatie van 1500 vierkante meter, aangedreven door zonnepanelen. Niet landelijk en dichtbij de natuur, maar midden in de stad, waar de bevolkingsdichtheid en de behoefte aan dit soort producten hoog is. “Vis en groente telen kan dus ook in een leegstaand gebouw.”

Het gebeurt allemaal op een relatief kleine oppervlakte van zevenhonderd vierkante meter. Dat maakt het werk arbeidsintensief. De sla, basilicum en paksoi moeten vaak worden overgepot van kleine holletjes in piepschuimvellen tot grote drijvende vlotten op het water. Maar juist die arbeidsintensiviteit maakt aquaponics zo geschikt voor de sociale toepassing waar Hakkennes op mikt: mensen met een beperking weer aan het werk helpen. Het klinkt ambitieus - het mes snijdt hier wel aan heel veel kanten - maar Hakkennes is niet de eerst die zich waagt aan sociale aquaponics. Vooral in de Verenigde Staten wordt het circulaire landbouwsysteem vaker bewust ingezet als banengenerator voor kansarme bevolkingsgroepen.

Banengenerator
Bij de vissentanks controleert Arjen (45) de gehaltes in het water. Na hartfalen en een herseninfarct werd hij door het UWV voor 100 procent arbeidsongeschikt verklaard. “Ik kon niet naar de andere kant van de kamer lopen en weer terug”, zegt hij.  “Dan moest ik halverwege eerst een half uur op adem komen.” Toen hij aansterkte, kon hij aan de slag bij Duurzame Kost. Arjen: “Soms ben ik nog wel opgebrand, maar dan kan ik gewoon naar huis.” Andere medewerkers van Duurzame Kost worden beperkt door autisme, zoals een twintiger met halflang haar naar wie Hakkennes wijst. “Paul werkt hier vier uur per dag. Als hij dat niet doet, zit hij thuis te gamen.” Voordat Hakkennes met Duurzame Kost begon, hielp hij vijftien jaar lang reïntegreerders aan een baan via het bedrijf Jobstap. Ook bij Duurzame Kost is zijn doel om voor medewerkers na een jaar een andere werkplek te vinden.

Allen betaalt, terwijl iedereen hem voor gek verklaart, 12 dollar per uur


In 2014 ging Hakkennes voor inspiratie langs bij lokale beroemdheid Will Allen in Milwaukee in de Verenigde Staten. De 67-jarige ex-basketballer is al bijna een kwart eeuw bezig om aquaponics op te schalen tot serieuze proporties. Dat doet hij vooral vanuit maatschappelijk beweegredenen. In plaats van lichamelijke of mentale beperkingen hebben zijn medewerkers vooral last van hun postcode. Zoals in veel Amerikaanse steden is de binnenstad van Milwaukee een ‘slechte’ wijk, met buitenproportioneel veel armoede en criminaliteit. Daar kan stadslandbouw verandering in brengen, denkt Allen, namelijk door werkgelegenheid te scheppen. “Hier komen geen bedrijven meer om mensen aan te nemen. De werkloosheid is 30 tot 50 procent! Voor veel mannen lijkt de enige optie te gaan stelen of drugs te verkopen.”

Green Bridge Growers  in Indiana
​In Indiana helpt moeder Jan Pillarski haar zoon en andere mensen met autisme aan een baan in de aquaponics. Toen haar oudste zoon Chris na zijn afstuderen geen geschikte baan kon vinden, stuitten ze in het verlengde van zijn liefde voor voedselteelt op aquaponics. De benodigde vaardigheden - meten, precisie, plannen - lagen Chris goed. Pillarski startte een sociale onderneming om op professionele schaal voedsel te verbouwen en mensen met autisme aan te nemen. Als de tweede boerderij van Green Bridge Growers  straks op volle kracht draait, produceert het bedrijf jaarlijks 11.000 kilo voedsel.

Allen nam een aantal jaar geleden bij wijze van experiment al eens 150 mensen aan. Dat waren vooral Afro-Amerikaanse mannen, oververtegenwoordigd in de binnenstad. Allen maalde niet om een strafblad en betaalde, terwijl iedereen hem voor gek verklaarde, twaalf dollar per uur. Maar geen van de nieuwe krachten bleef langer dan een jaar werken. Ze kwamen vaak na het weekend niet opdagen, waren teleurgesteld over kinderalimentatie en andere verminderingen op hun loon of ze bleken psychisch niet in staat tot een fulltime werkweek. Allen heeft de moed nog niet opgegeven. Hij broedt nu op een tienjarenplan waarmee hij vijfduizend mensen aan werk wil helpen. Daarvoor schakelt hij ook andere ondernemers in en, uit ervaring wijzer geworden, pyschologen. De infrastructuur achter dit megaproject wil hij repliceerbaar maken over de hele wereld.

Ecotoerisme
Hij voedt inmiddels tienduizend mensen met zijn boerderijen in Milwaukee en heeft al flink uitgebreid in andere steden, ook op Haïti. Met gastworkshops bij opstartende boeren hoopt Allen zoveel mogelijk mensen te inspireren hetzelfde te doen. Zijn eigen organisatie heeft hij in tweeën verdeeld. Het ene deel is een boerenbedrijf dat geld verdient door producten te verkopen. Het andere is een non-profit die fondsen ontvangt om meer mensen op te leiden. Allen: “Dat is heel kostbaar.” Growing Power verdient ook geld met rondleidingen. Dagelijks komen er geïnteresseerden, vaak afkomstig uit heel andere wijken dan de binnenstad, die de aquaponics van dichtbij willen bekijken.

Ook Hakkennes mikt in Eindhoven straks op 5 tot 10 procent inkomsten uit ecotoerisme. Verder krijgt hij van zorginstellingen geld voor de dagbesteding en reïntegratietrajecten voor hun cliënten. Uiteindelijk moet dat andersom en wil Hakkennes mensen betalen voor hun werk. Maar dat vereist wat opschaling. “Daarvoor moeten we de systemen efficiënter doorontwikkelen en moeten de producten beter bekend en daardoor beter afzetbaar worden. Dat duurt nog wel een paar jaar.”

VEGGI Farmers Cooperative in New Orleans
Na de BP olieramp in 2010 begon buurtorganisatie MQVN in Oost New Orleans met een scholingsproject voor toekomstige boeren. De veelal Vietnamese bewoners, vaak gedupeerd door de olieramp, leerden over aquaponics en kassenteelt. Zo konden ze weer een leven opbouwen met de teelt van onder andere boerenkool, Thaise aubergine en koivissen. Inmiddels telt de VEGGI boerencoöperatie meerdere boerderijen en aquaponicssystemen in de buurt. Evenals veal andere Amerikaanse CSA's - kort voor Community Supported Agriculture - verkoopt de coöperatie voedselboxen op abonnementsbasis.

Duurzame Kost op Strijp-S moet eigenlijk nog beginnen. De vissen zijn na de Dutch Design week weer weggehaald omdat er teveel ammoniak in het water terecht kwam. Pas als alles goed is afgesteld kan Hakkennes beginnen met de verkoop. Hij heeft al afspraken om bladgroenten te leveren aan restaurants op Strijp S. De vis wil hij met zijn medewerkers verkopen in een stalletje van de Vershal beneden. “Op vrijdag”, glundert Hakkennes, “om de traditie in ere te houden. We kunnen de vissen hier direct uit het water halen.”

De namen van de medewerkers van Duurzame Kost zijn op verzoek gefingeerd.

Reacties