Vandaag beginnen de scholen weer in Pakistan na een extra lange kerstvakantie. De Pakistaanse regering sloot alle onderwijsinstituten na de bloedige aanslag van de Taliban op een jongensschool in Peshawar vorig jaar december. 144 kinderen en hun onderwijzers vonden de dood. Verschillende ouders twijfelen of ze hun kinderen durven te laten gaan. Alle scholen zijn inmiddels extra beveiligd met hoge muren en prikkeldraad er bovenop. Militaire posten bewaken de toegangspoorten. De ouders hebben geen vertrouwen meer. De school in Peshawar hád al die veiligheidsvoorzieningen. Maar op die bewuste 16 december had de sluipschutter op het dak een dagje vrij. En stond voor de ingang slechts een soldaat.

De kinderen van de school in Peshawar zijn vastbesloten te gaan. De zeventienjarige Nobelprijswinnares Malala is hun grote voorbeeld. Ze vond bij haar strijd voor meisjesonderwijs in de Swat Vallei bijna de dood nadat een Talib haar in het hoofd schoot. “‘Onderwijs is het beste wapen in de strijd tegen de extremisten’, zegt Malala. Ik geloof haar ”, vertelt veertienjarige Ali. Hij zit vandaag weer in de schoolbanken. Ook al heeft hij een trauma aan de overval op zijn school overgehouden.

“Zorg dat geen kind blijft leven. Maak ze allemaal af”, hoorde Ali een van de terroristen die bewuste dag zeggen

Zijn verhaal komt er met horten en stoten uit. “Zorg dat geen kind blijft leven. Maak ze allemaal af”, hoorde Ali een van de terroristen die bewuste dag zeggen. Een regen van kogels vloog over zijn hoofd. Op advies van zijn vriend Irfan, die naast hem lag, hield hij zich onder bergje lichamen van vermoordde klasgenoten voor dood. “Terroristen schreeuwden. Ze bleven maar schieten, ook op Irfan. Hij redde mijn leven. Nu is hij er niet meer.”

Alle verhalen van de kinderen die het bloed overleefden zijn hartverscheurend. Op het moment dat zwaar bewapende mannen met baarden en in salwar kameez, de traditionele Pakistaanse dracht, hun munitie op zijn klasgenoten begonnen leeg te schieten, raakte de zestienjarige Jamal compleet in paniek. Hij werd getroffen in zijn been. Hij zag zijn vrienden een voor een vallen. Overal was bloed. Hij weet niet meer hoe hij kans zag te ontsnappen. De volgende dag vertelde zijn vader hem dat het de Taliban waren die zijn school hadden aangevallen. Als een vergelding voor de militaire operatie in Noord-Waziristan. Dat is een gebied langs de Afghaanse grens waar etnische groeperingen, in plaats van de overheid, de dienst uitmaken en de extremisten zich verschuilen. Soldaten zouden ook kinderen van de Taliban hebben gedood. Op Jamals school in het noordwesten van Pakistan zitten voornamelijk zonen van soldaten. Voor de Taliban was het oog om oog, tand om tand. Jamal begrijpt niet waarom  kinderen met zoveel sadistisch geweld gestraft moest worden.

Terwijl hij sliep, schoten de extremisten al zijn klasgenoten dood.

Er zijn ook leerlingen die vandaag een compleet lege klas aantreffen. De vijftienjarige Dawood Ibrahim is de enige van groep 9. Hij had zijn wekker niet gezet. Na de bruiloft van de vorige avond was hij te moe om op te staan. Terwijl hij sliep, schoten de extremisten al zijn klasgenoten dood. Zijn moeder twijfelt of haar zoon geestelijk in staat is onderwijs te volgen. “Dawood is een sterke jongen. Maar nadat hij alle begrafenissen van zijn klasgenoten heeft bezocht, praat hij niet meer. Hij zit op zijn kamer”, vertelt journaliste Ayesha. Ze sprak met oogetuigen en nabestaanden voor een boek dat ze  over de omgekomen kinderen aan het schrijven is. Van ieder kind maakt ze een portret met foto als blijvende herinnering.

Als eerbetoon aan de omgekomen leerlingen heeft de Pakistaanse journaliste met vrienden en collega´s Project 144 opgericht. Via twitter bestookten ze met succes de hoogste legercommandant. Ze eisten harder optreden. Er komen nu militaire rechtbanken voor terroristen. Meer dan 800 veroordeelde extremisten worden de komende tijd geëxecuteerd. Tijdens demonstraties voor militante moskeeën riepen activisten van Project 144 de politie op radicale imams op te pakken. De eerste arrestaties zijn verricht.

Bloedplassen herinneren de leerlingen aan het huiveringwekkende drama.

Niet eerder in de bloedige terreurgeschiedenis van dit land kwam de bevolking in opstand tegen het geweld. Vorig jaar vonden bij bomaanslagen ruim vierduizend burgers de dood. Toen deed geen Pakistaan zijn mond open. “We waren te bang. We staken liever onze kop in het zand. We kunnen niet blijven toekijken als de zwijgende meerderheid”, vindt Ayesha. Het spijt haar dat de dood van zoveel kinderen nodig was om de Pakistanen wakker te schudden.  

De kinderen van de school in Peshawar gaan vandaag naar een ander schoolgebouw. Hun instituut is grondig vernield. In de muren die zijn blijven staan zitten enorme kogelgaten. Bloedplassen herinneren de leerlingen aan het huiveringwekkende drama. Ook al gaat hij naar een andere plek, Jamal vraagt zich af of hij ooit de angstaanjagende  beelden nog uit zijn hoofd krijgt.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
wilma2

Over de auteur

Wilma van der Maten woont in Jakarta en werkt als freelance journalist voor onder andere OneWorld, het Parool, DPD, VPRO, VRT en Elsevier.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief