De horrorverhalen van Somalië, Rwanda en Srebrenica staan in ons geheugen gegrift. VN-troepen faalden hopeloos in hun mandaat van vredehandhaving en de bescherming van burgers. Het imago van de vredesmissies van de Verenigde Naties (VN) heeft over de jaren flinke schade geleden. Recente schandalen van seksueel misbruik hebben dit imago nog verder verslechterd. Toch benadrukken vier defensie-experts tijdens een vredesmissie-lezing van de Nacht van de VN de aanhoudende noodzaak van VN-missies. Generaal-Majoor Michiel van der Laan (Directeur Operaties van Defensie), Pieter Jan Kleiweg de Zwaan (Directeur Veiligheidsbeleid Buitenlandse Zaken), André Nollkaemper (Hoogleraar Publieke Internationale Wetgeving aan de Universiteit van Amsterdam) en Rob de Rave (strategisch analist bij The Hague Centre for Strategic Studies), hielden in Pakhuis de Zwijger een eensgezind pleidooi tegen VN-zwartkijken.

De stugge VN-machine
Hoe effectief zijn vredesmissies? Aan het begin van de drie kwartier durende sessie wordt de vier experts gevraagd om een score te geven op een schaal van 1 tot 100. Generaal-Majoor Van der Laan roept 75, de rest wil niet hoger gaan dan 50. Lage cijfers. De experts benoemen het politieke onvermogen van de VN als belangrijkste oorzaak.

Als je kijkt naar militaire effectiviteit, dan is de NAVO geschikter

De afwachtende houding van de VN om tot militaire actie over te gaan komt volgens de experts door haar besluitvormingspolitiek. “De VN kan alleen in actie komen op uitnodiging van het land zelf”, geeft Kleiweg de Zwaan aan. “Er moet een volkenrechtelijk mandaat zijn vanuit de regering.” Maar er is nog een tweede mogelijkheid tot VN-inmenging, vult hoogleraar Nollkaemper aan. “Zonder de toestemming van de staat kan er worden ingegrepen wanneer alle permanente leden van de VN-Veiligheidsraad hier akkoord mee gaan.”

Volgens Van der Laan loopt de VN dan ook achter bij de NAVO, het trans-Atlantische samenwerkingsverband tussen Europese landen, de Verenigde Staten en Canada. “In NAVO-verband is veel ervaring. Ook zijn er verbindingsmiddelen zoals gemeenschappelijke taal. Als je als Nederland samenwerkt met een land als Zweden ervaar je geen problemen. In de VN is dat lastiger. Daar werk je met landen als Burundi, Togo en Bangladesh. Als je kijkt naar militaire effectiviteit, dan is de NAVO geschikter.”

De noodzaak van VN-missies
Als er met zoveel factoren rekening moet worden gehouden, hebben die missies dan nog wel zin? Ja, stellen de experts unaniem. De vredesmissies worden volgens hen stelselmatig in een te negatief daglicht gezet. “Slecht nieuws blijft nou eenmaal hangen”, vindt Rob de Rave. Van der Laan beaamt dit: “Alleen dingen die misgaan komen in het nieuws. In Mali werken onze mensen bij een temperatuur van 60 graden. Daar gaat het te weinig over.” Kleiweg de Zwaan: “Er zijn genoeg succesverhalen van missies: Cambodja, Oost-Timor, het grensconflict tussen Ethiopië en Eritrea.”

Bovendien, de humanitaire drama’s uit het verleden hebben de VN wakker geschud. “Na Rwanda kan ik me niet voorstellen dat er niet vanuit de VN wordt ingegrepen wanneer een regering om hulp vraagt”, zegt Kleiweg de Zwaan.

Wat zou er gebeurd zijn zonder VN-ingrijpen? Dan waren we nog slechter af geweest

En misschien nog belangrijker: een duidelijk alternatief voor die logge VN is er niet, zo oordeelt hoogleraar Nollkaemper. “Wat zou er gebeurd zijn zonder VN-ingrijpen? Dan waren we nog slechter af geweest. Maar de VN kan het nooit alleen.” De VN is altijd afhankelijk van de samenwerking met de flexibelere krijgsmachten van individuele landen. “Direct ingrijpen van landen biedt de VN de ruimte om tot beslissingen te komen”, beargumenteert Van der Laan. Hierbij noemt Kleiweg de Zwaan de VN-missie in Mali als voorbeeld: “Als de Fransen niet direct hadden ingegrepen, had Mali flinke klappen gekregen.”

Hollands realpolitik
Ook de huidige Nederlandse inbreng bij internationale missies komt ter sprake. Want waarom zitten we eigenlijk in Mali? “Veiligheids-, economische en ideologische belangen”, stelt De Rave. Kleiweg de Zwaan is concreter. Hij linkt ons ingrijpen aan de huidige vluchtelingencrisis. “De migratiecrisis is te herleiden tot Libië en Syrië. En Mali zit in de tweede ring van het Midden-Oosten.”

Wij denken in normen en waarden, Rusland doet dat veel ongenuanceerder

Maar als vluchtelingenproblematiek een verklaring biedt voor Nederlands ingrijpen, waarom ontbreekt Nederland dan in Syrië? Dat heeft weer te maken met dat mandaat. Vanuit de regering Assad wordt dit namelijk niet geleverd. Ook het alternatief van unanieme besluitvorming vanuit de Veiligheidsraad is ver weg. “Er komt geen vredesmissie in Syrië. Alleen als we vrienden worden met de Russen en het Assad-regime over hele land laten regeren”, zegt Nollkaemper. Bovendien is er volgens Generaal-Majoor Van der Laan nog een onduidelijkheid: “Who is who in the Syrian zoo?” Het is simpelweg niet duidelijk wie tegen wie vecht.

Ondanks deze Syrische ‘dierentuin’, worden Syrische rebellengroepen wel bewapend door onze bondgenoten. Hoe staan de experts hier tegenover? Van der Laan: “In Irak trainen we Koerdische Peshmerga’s en het Iraakse leger. Ik denk dat het goed zou zijn als ook wij hen zouden bewapenen. Het werk op de grond moeten ze immers zelf doen.” De Rave, in lijn met een eerder pleidooi van zijn HSCC-collega De Wijk, bepleit zelfs het voorbeeld van de Russische realpolitik.  “Wij denken in normen en waarden, Rusland doet dat veel ongenuanceerder. Bewapenen van groepen om de eigen belangen te dienen.”

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Jesse Jonkman is Cultureel Antropoloog. Hij is gespecialiseerd in mondialiserings-vraagstukken, zoals culturele identiteit, …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief