Amerikaanse bedrijven kiezen voor klimaat

23-01-2007
Door: Jim Lobe
Bron: IPS

Het United States Climate Action Partnership (USCAP) werd maandag in Washington aan de pers gepresenteerd. BP America, Caterpillar, DuPont, General Electric, Pacific Gas and Electric en nog vijf andere grote bedrijven willen dat de Amerikaanse wetgever het land verplicht de uitstoot van broeikasgassen tegen 2022 met minstens 30 procent en tegen 2050 met maximaal 60 procent te verminderen. Voor bedrijven moeten maximale emissiehoeveelheden worden vastgelegd. De handel in uitstootrechten moet bedrijven helpen aan die normen te beantwoorden.
 
In een brief aan de Amerikaanse president George W. Bush dringen de CEO's van de tien bedrijven aan om "meteen actie te ondernemen" om op een gecoördineerde manier aan klimaatbescherming te gaan doen. Bush heeft zich altijd verzet tegen wettelijk vastgelegde uitstootbeperkingen om de opwarming van de aarde tegen te gaan.
 
Het initiatief wordt mee gedragen door Lehman Brothers, een financiële groep uit New York, door de onderzoeksinstelling the Pew Centre on Global Climate Change en door de milieugroepen Environmental Defence, de Natural Resources Defence Council en het World Resources Institute.
 
Het klimaat staat opens hoog op de Amerikaanse politieke agenda. Door de Democratische overwinning bij de tussentijdse verkiezingen zijn op sleutelfuncties in de Senaat en in het Huis van Afgevaardigden Republikeinen verdwenen die uit alle macht wetten tegenhielden die de Amerikanen verplicht zouden hebben om minder CO2 uit te stoten. Ze zijn nu vervangen door Democraten die even verbeten proberen de klimaatverandering op de agenda te krijgen.
 
Sinds begin deze maand is al een hele rist wetsvoorstellen over het onderwerp ingediend. John McCain en Joseph Lieberman hebben een oud voorstel afgestoft dat bedrijven zou verplichten tegen 2012 hun uitstoot terug te schroeven tot het niveau van 2004 en daarna tot 2050 per jaar nog 2 procent te verminderen. Het voorstel heeft nu ook de steun van Barack Obama. De Republikein McCain en de Democraat Obama willen in 2008 een gooi doen naar het presidentschap, wat illustreert hoe heet het thema is.
 
Zelfs medewerkers van Bush zetten hun zeilen naar de wind. James Connaughton, het hoofd van de Raad voor Milieukwaliteit van het Witte Huis, is bijvoorbeeld voorstander van een systeem van uitstootbeperkingen en verhandelbare emissies.
 
De mogelijke gevolgen van dat veranderende politieke klimaat worden in de directiekamers van grote energiebedrijven en andere ondernemingen in de VS blijkbaar grondig uitgerekend. Ondernemers staan bovendien ook voor een verwarrende veelheid van uiteenlopende wetten en normen die deelstaten en lokale overheden de laatste jaren hebben afgekondigd omdat de federale regering maar liet betijen. Vooral het noordoosten en de westkust van de VS zijn daarin ver gegaan.
 
Het United States Climate Action Partnership heeft een Call for Action gepubliceerd met een aantal "algemene principes" die de regering kan hanteren om de opwarming van de aarde tegen te gaan. Het samenwerkingsverband pleit vooral voor marktmechanismen die bedrijven die hun uitstoot verminderen, zouden belonen. Het doel moet volgens de initiatiefnemers zijn de Amerikaanse uitstoot binnen tien jaar te stabiliseren of in het beste geval zelfs met 10 procent te verminderen. Vijf jaar later moet er tussen de 10 en de 30 procent van de uitstoot af, en tegen 2050 20 tot 40 procent.
 
Sommige experts hebben grote twijfels bij het initiatief. "De bedrijven gaan gewoon uit van de overweging dat ze liever klimaatwetten opgelegd krijgen nu Bush nog aan de macht is dan onder zijn opvolger, die voor nog strengere normen zou kunnen kiezen", zegt Christopher Flavin, de voorzitter van het WorldWatch Institute. Hij vindt de doelstellingen die naar voren worden geschoven "ambitieus" en vraagt zich af of ze haalbaar zijn. Flavin wijst erop dat één van de leden van het samenwerkingsverband, Duke Energy, plannen heeft om een groot aantal nieuwe steenkoolcentrales te bouwen. "Als dat het model wordt, dan komen we er nooit", zegt Flavin

Reacties