‘Afschaffen ontwikkelingshulp zorgt voor méér ellende’

10-05-2001
Door: OneWorld Redactie
Bron: OneWorld

‘Het afschaffen van hulp geeft mensen hun waardigheid terug. Dan pas is het kolonisatieproces afgerond,’ schrijft Marres donderdag op persoonlijke titel op de opiniepagina van de Volkskrant.

Marres meent dat veel energie en intellectuele capaciteit die in de ontwikkelingslanden nu wordt besteed aan overleg met de vele hulpgevende landen, beter gebruikt kunnen worden voor de eigen ontwikkeling. Daar zijn ze volgens Marres heel goed toe in staat. Hun capaciteiten worden door het Westen onderschat.

‘Hoe kan het dat Ethiopië tijdens de oorlog met Eritrea in staat was om in afgelegen gebieden te zorgen dat er diesel voor tanks aanwezig was en eten voor soldaten, in dorpen waar geen tbc-medicijn of schoolboek te bekennen viel,’ zo schrijft de ambassadeur.

Tweede-Kamerleden reageren met ongeloof en noemen het verslag van Marres onverstandig. Zij gaan de ministers Van Aartsen (Buitenlandse Zaken) en Herfkens (Ontwikkelingssamenwerking) om opheldering vragen. Tot die tijd houdt het ministerie van Buitenlandse Zaken een reactie beperkt tot de opmerking dat de mening van Marres ‘niet echt afgewogen en volledig’ is.

De directeur van de Inspectie Ontwikkelingssamenwerking en Beleidsevaluatie (IOB), Rob van den Berg, zegt dat de problemen die Marres signaleert al langer bekend zijn. ‘Alleen trekt het IOB nooit de conclusie de hulp stop te zetten.’

Ook noemt Van den Berg het een paradox dat het afschaffen van de hulp de onafhankelijkheid van die landen zou bevorderen. ‘Als die landen dat zouden willen, zijn volwassen genoeg daar zelf om te vragen. Maar ze dringen juist aan op vergroting van de hulp! Als wij eenzijdig besluiten de hulp te stoppen, doen we onze internationale afspraken geen gestand’.

Uit evaluatierapporten van het IOB is volgens Van den Berg juist gebleken dat als de hulp wegvalt er niet méér wordt gedaan, zoals Marres veronderstelt, maar minder. ‘Projecten storten in als er geen hulp meer komt. Het leidt ook niet tot verandering van de politieke wil. Pas als de hulp tien, vijftien jaar aanhoudt zie je resultaten. En dan nog niet altijd,’ aldus Van den Berg.

’Vermoeidheid’
Henny Helmich, directeur van de Nationale Commissie voor internationale samenwerking en duurzame ontwikkeling (NCDO), zegt dat de hulp, zoals Marres voorstelt om af te schaffen, al is afgeschaft. ‘De inhoud van de internationale samenwerking is al aan het veranderen.’ Internationaal bestaat er grote overeenstemming dat de hulp pas helpt als een land een goed beleid voert en meer zeggenschap krijgt over de hulpgelden.

Volgens Helmich onderstreept het verhaal van de speciale ambassadeur waarom het beleid is veranderd. ‘Marres gaat voorbij aan wat er internationaal al gaande is,’ zegt de directeur van de NCDO.

Helmich: ‘Het is ook economische onzin wat Marres beweert. De armste landen kunnen zich niet zonder extern geld ontwikkelen. Als die mensen de keuze hadden het geld zelf te verdienen, heeft hij misschien gelijk. Maar die keuze hebben ze niet.’ Bovendien, zegt Helmich kun je een belastingstelsel niet zomaar opzetten als de burgers van dat land geen geld hebben.

Toch is het is niet de minste die beweert dat de hulp moet worden afgeschaft. Marres heeft ruime ervaring in Ethiopië en op het ministerie van Buitenlandse Zaken. Vanwaar zijn observaties na zoveel jaren? Volgens Helmich komt de radicale stellingname voort uit vermoeidheid. ‘Het zijn niet de Nederlanders die de hulp moe zijn, het zijn professionals die hun moeheid projecteren.’

Van den Berg denkt dat de opinie van Marres voortkomt uit zijn observaties van de oorlog in Ethiopië en Eritrea. ‘Die oorlogsvoering werd ogenschijnlijk effectief aangepakt en op andere terreinen was men niet zo effectief. Dat soort verschijnselen zie je wel meer. In West-Afrika zijn in de regentijd delen soms niet bereikbaar voor medicijnen en schoolboeken. Maar pils kun je er altijd wel krijgen.’

Van den Berg wil daarmee maar illustreren dat het van belang is dat alleen landen die in de richting gaan van een goed beleid en de politieke wil tonen om de armsten te helpen, steun verdienen. Op dit moment ontvangen Ethiopië en Eritrea geen officiële hulp uit Nederland.

Ministerie van Buitenlandse Zaken
NCDO website

Reacties