Journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 4 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Er wordt veel gezegd over de waarde van diversiteit in de media. In Nederland zijn in het afgelopen jaar steeds meer discussies gevoerd over wie er verhalen moet vertellen en wie er vertegenwoordigd moet zijn. Er gaat nauwelijks een dag voorbij zonder een artikel of discussie op een mainstream media-outlet over het belang van representatie. Deze discussies schakelen snel om naar de bredere politieke context: kwesties rond democratische waarden, de geschiedenis van minderheden en gemarginaliseerde groepen, en bij wie de macht eigenlijk ligt. Deze discussies kunnen soms een nogal bittere toon aannemen, vooral wanneer de dominante cultuur zich beschuldigd voelt van het ondersteunen van de huidige status quo. Er wordt veel besproken, maar er verandert nauwelijks iets. Nederlandse media worden nog steeds sterk gedomineerd door witte mensen, voornamelijk mannen, meestal uit de middenklasse.

download-3

How The Correspondent is faking an inclusive image

For The Correspondent, diversity is just a marketing tool.

Alsof deze discussies nog niet controversieel genoeg waren, bereikte Nederland afgelopen week het nieuws dat De Correspondent (of “Corrie” zoals het soms nonchalant wordt genoemd) een crowdfund-initiatief in de VS begon. Hiervoor hebben ze een aantal prominente figuren ingehuurd om de nieuwssite bij potentiële geldschieters te promoten. In een poging zichzelf als progressief te positioneren of zich te associëren met bepaalde emancipatorische waarden, reikten ze uit naar mensen als DeRay Mckesson, een herkenbare naam die onlosmakelijk verbonden is met Black Lives Matter. Ze huurden ook Baratunde Thurston in, iemand die een groot deel van zijn professionele leven besteed heeft aan anti-racisme. The Correspondent positioneert zichzelf als een zeer gewenste nieuwkomer in een Amerikaans medialandschap dat doordrenkt is van centristische blikken en ‘alle meningen zijn gelijk’-herrie.

De Correspondent heeft in Nederland een zeer slechte reputatie wat betreft diversiteit

Veel mensen in Nederland trokken hun wenkbrauwen op bij deze marketinginspanningen, omdat hun Nederlandse berichtgeving in de loop der jaren veel te wensen overliet. Zoveel zelfs, dat ze hier bekend staan om hun gematigde, centristische visie, waarbij verondersteld wordt dat alle meningen gelijk zijn en dat de gevoelens van racisten net zo waardevol zijn als die van hun slachtoffers.

In februari 2017, toen Nederland in de laatste fase van de campagne voor de Tweede Kamerverkiezingen van maart zat, namen ze bekende centrist Joris Luyendijk in de arm om de gevoelens te verkennen van PVV-stemmers. De titel van het artikel was De gemene deler van PVV-stemmers: het gevoel dat hen iets is afgenomen. Voor een organisatie die beweert toegewijd te zijn aan de waarden van emancipatorische politiek, zou men verwachten dat de gevoelens van mensen die op onderdrukkende politieke partijen stemmen altijd met scepsis moeten worden behandeld. Wat uiteindelijk van belang is, zijn de materiële gevolgen voor hun slachtoffers.

De afgelopen dagen schreef ik een korte Twitter-draad waarin ik mijn wantrouwen uitdrukte over de plotselinge inclusieve waarden van The Correspondent US. De draad kreeg enige aandacht en werd opgepikt door enkele insiders uit de industrie. Ik zei toen dat De Correspondent een zeer slechte reputatie heeft met diversiteit in Nederland. Vanwege de aandacht die de draad kreeg, voelde Rob Wijnberg, die systematisch alle eerdere klachten in Nederland negeerde, zich genoodzaakt om een paar van mijn opmerkingen te adresseren. Natuurlijk zonder mijn naam te noemen. Alsof die waarnemingen uit de lucht gevallen zijn, in plaats van afkomstig zijn van een persoon die in zijn geboorteland woont, het medialandschap kent en de taal spreekt en begrijpt.

Iemand die zich inzet voor diversiteit en inclusiviteit zou toch zeker niet proberen zijn critici uit te wissen? De acties van De Correspondent om critici te overweldigen met intimidatie op social media zouden erop wijzen dat ze niet goed met kritiek om kunnen gaan. Omdat ze in Nederland gemakkelijk kritiek afwijzen met behulp van het gewicht van hun mediamacht, dachten ze misschien dat ze internationale critici op een vergelijkbare manier konden wegzetten. Het was veelzeggend dat Wijnberg voor het eerst sprak over wat velen al eerder in het Nederlands hadden gezegd. Omdat mijn Twitter-draad in het Engels was en een internationaal publiek bereikte, kon het probleem niet langer beperkt blijven tot het komen en gaan van onze lokale media. Plotseling en voor de eerste keer werd De Correspondent onder de loep genomen door het soort publiek dat Wijnberg graag wil aantrekken.

Al die praatjes over het bedrijven van een ander soort journalistiek, maar in Nederland tonen ze precies het tegenovergestelde

In zijn reactie voor een Engelssprekend publiek legt hij echter uitgebreid uit hoe De Correspondent zich nu, eindelijk, inzet voor diversiteit. Nu zullen ze het beter doen. Hij vermeldt niet dat op de Nederlandstalige website exact dezelfde toewijding is beloofd in 2014, op de eerste verjaardag van de site. In de jaarevaluatie schreef adjunct-hoofdredacteur Karel Smouter: “We zouden te blank, te pedant en te ingewikkeld zijn. Maar ook: te links, te bescheiden en te oppervlakkig.” Natuurlijk is de nieuwe inzet vervolgens minder wit, minder links en minder oppervlakkig. In deze verklaring benadrukten ze destijds ook het belang van een ‘diversiteit aan ideeën’. Ik laat het aan de lezer over om te raden welke van deze beloftes is ingelost.

In Nederland heeft Wijnberg kritiek echter systematisch genegeerd, vooral die van mensen van kleur. Op social media heeft hij zelfs een aantal vrouwen van kleur geblokkeerd die zich bezighielden met de herhaaldelijke beloften die zijn gedaan. Schrijvers van De Correspondent zijn ook publiekelijk vijandig tegenover mensen van kleur die zich uitspreken over de problemen wat betreft gemarginaliseerde groepen in de artikelen. Tot nu toe was De Correspondent als mediabedrijf volstrekt niet ontvankelijk voor kritiek, behalve wanneer er verklaringen over ‘diversiteit’ worden gemaakt als onderdeel van marketinginspanningen. En zelfs dan bevatten deze verklaringen over ‘de behoefte aan diversiteit’ ook de kanttekening van ‘diversiteit aan ideeën’. Al die praatjes over het bedrijven van een ander soort journalistiek, een die verantwoording verschuldigd is aan de gemeenschap en naar het publiek luistert. Maar in Nederland tonen ze precies het tegenovergestelde.

Critici stuitten op een muur. Maar in de afgelopen dagen begint deze muur scheuren te vertonen. Sarah Kendzior is hun Amerikaanse sterverslaggever, wier werk over de Trump-regering ze bekend maakte in de VS, en wier gezicht en naam ze gebruikten als onderdeel van hun crowdfundingcampagne. Zij begon op social media over haar verzuurde relatie met het medium, het geld dat ze beweert nog steeds verschuldigd te zijn voor haar werk en een verhaal van een bizarre redactionele verschuiving toen ze werd toegewezen aan een nieuwe redacteur die niet gelooft in klimaatverandering of de gevaren van de regering van Trump.

Deze week is er een anoniem verslag1 van verontrustende arbeidsomstandigheden gepubliceerd. De schrijver, die zichzelf Themys Anonymous noemt, beweert dat ze vergelding vrezen en niet meer in de Nederlandse media kunnen werken als hun identiteit wordt onthuld. Ze hebben het over een sfeer van ondemocratische besluitvorming en strikte machtsstructuren die direct in tegenspraak zijn met alle marketingpunten die Rob Wijnberg voortdurend noemt als ‘de bedrijfswaarden’. In oktober 2018 publiceerde het tijdschrift Quote een nogal vernietigend verslag van de interne werking van De Correspondent. Ze noemen het gebrek aan diversiteit: het is een witte, door ego gestuurde omgeving die een façade van vooruitstrevende waarden opwerpt, maar meer verwant is aan een sekte. Het gebrek aan financiële transparantie met betrekking tot subsidies en donaties wordt uitgebreid behandeld.

Rutger Bregman gebruikt dehumaniserende taal in zijn essay om te verwijzen naar trans personen: ‘de transgenders’

In zijn essay gaat Wijnberg ook in op hoe zijn positie door de jaren heen is veranderd. Nu is de organisatie eindelijk toegewijd. Nu geloven ze eindelijk dat diversiteit positief is. Je moet je afvragen hoe lang geleden deze verandering plaatsvond, aangezien ze in april 2018 nog een stuk van Rutger Bregman publiceerden met de titel Waarom mensen wegzetten als racist (of terrorist, of fascist) zo slecht werkt. Racisme, zo lijkt het, moet niet worden benoemd of in de schijnwerpers worden gezet. Mensen vertellen dat hun overtuigingen racistisch zijn, maakt ze volgens Bregman alleen maar racistischer.

Dit is nog niet alles. Het essay gebruikt ook dehumaniserende taal om te verwijzen naar trans personen: ‘de transgenders’, een zelfstandig naamwoord dat meestal wordt afgekeurd om mee te verwijzen naar trans personen. Misschien is Rutger Bregman niet per se bekend met de taal van inclusiviteit, of kent hij geen trans personen die hem zouden kunnen overtuigen minder vervreemdende taal te gebruiken (en daarin schuilt de waarde van inclusiviteit, die verder gaat dan marketingpraatjes). Maar zelfs als mediaorganisaties geen direct contact hebben met mensen uit de transgemeenschap, kunnen ze toch de richtlijnen gebruiken die de Europese Unie, in het Nederlands, heeft gegeven over de niet-dehumaniserende manier waarop je kunt verwijzen naar transgender personen. Deze taalrichtlijnen zijn gratis te downloaden. Als, zoals Wijnberg zegt, de organisatie zich inzet voor verandering, zeker zo recent als zes maanden geleden, dan zouden ze dit geweten hebben.

In het essay van Wijnberg wordt ook verteld dat er vooruitgang is geboekt: er is werk uitgezet bij zwarte schrijvers en mensen van kleur. De organisatie heeft zich beziggehouden met activistische groepen en heeft hen een platform gegeven. Wat Wijnberg gemakshalve weglaat, is dat De Correspondent hiervoor royale subsidies ontvangt van de Nederlandse staat en verschillende stichtingen. Het is onbekend hoeveel geld zij ontvangen in de vorm van subsidies of donaties om specifiek aandacht te besteden aan diversiteitsvraagstukken in Nederland. Er zijn geen rapporten of jaarlijkse verklaringen om te verifiëren hoe die middelen werden gebruikt, alleen verklaringen dat subsidies niet worden gebruikt om vaste lasten te dekken.

Er zijn indirecte verwijzingen naar diversiteitssubsidies zoals die in een rapport van de Stichting Verhalende Journalistiek, en verwijzingen op de website van de Stichting Democratie & Media. Maar er is geen verantwoording over hoe deze publieke middelen werden gebruikt of aan welke concrete, langetermijndoelstellingen ze werden toegewezen. Het enige dat overblijft zijn de beloften dat diversiteit ‘nu, eindelijk, van belang is’. In sommige gevallen, zoals de donatie van 100.000 euro van de Craig Newmark Foundation, was het geld afhankelijk van het hebben van een divers team vanaf het moment dat The Correspondent voet aan wal zette in de VS. De donatie was specifiek voor de Amerikaanse expansie en niet bedoeld om de diversiteit op de Nederlandse kantoren van De Correspondent te verbeteren.

Ik hoop echt dat De Correspondent de beloften nakomt die ze hebben gedaan aan hun Amerikaanse lezerspubliek, sponsors, donoren en investeerders. Wanneer een mediaorganisatie de waarden vertegenwoordigt van degenen die door de machtsstructuren worden gemarginaliseerd, verbetert de samenleving als geheel. De Correspondent zou misschien eindelijk zijn potentieel kunnen vervullen. Als dat gebeurt, hoop ik ook dat ze eindelijk de beloften nakomen die ze sinds hun oprichting in Nederland hebben gedaan. Zodat wij ook kunnen profiteren van dit nieuw verworven bewustzijn.

Update door de redactie – 30 november 2018
De Correspondent laat weten ons niet te kunnen helpen aan cijfers over de diversiteit onder de vaste redacteuren, omdat het bedrijf deze gegevens niet verzamelt. We worden verwezen naar het colofon, waarin we constateren dat in vaste posities op de redactievloer geen etnische diversiteit terug te vinden is.

max-nelson-492729-unsplash2

Gaat blockchain de journalistiek redden?

Kan de journalistiek blockchain gebruiken tegen dictatuur, censuur en desinformatie?

  1. Dit stuk is inmiddels van de website verwijderd. ↩︎

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€4 per maand)
Flavia-Dzodan

Flavia Dzodan

Flavia Dzodan is schrijver, media-analist en marketing consultant en is gevestigd in Amsterdam.
Profielpagina