Journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

 

Het contrast met de veiligheidsmaatregelen op de Nederlandse scheepsbouwwerf van IHC Merwede in Kinderdijk en de omstandigheden op de Indiase sloopstranden in Mumbai en Alang was groot voor Rane Vidyadhar Vasudeao en Patel Ram Murat, twee Indiase vakbondsmensen die zich hard maken voor verbetering van de arbeidsomstandigheden op de sloopstranden. 

ran en patelklein
Patel Ram Murat (l) en
Rane Vidyadhar Vasudeao (r)

“De veiligheidsmaatregelen in Nederland zijn niet te vergelijken met die bij ons”, zegt Patel. “De arbeiders op de sloopstranden in Mumbai en Alang moeten zonder bescherming ijzeren platen losmaken en worden blootgesteld aan asbest en andere chemische middelen.” “Het werk op de sloopstranden is gevaarlijker dan mijnwerk”, vult Rane aan.
 

Rane en Patel waren afgelopen week in Nederland op uitnodiging van FNV Mondiaal. FNV Mondiaal en FNV Bondgenoten steunen Indiase scheepsslopers met projecten voor schoon drinkwater, onderwijs en trainingen over veiligheid en gezondheidszorg. Rane en Patel doen beide mee aan een door FNV Bondgenoten opgezet train de trainer project waarbij ze les krijgen over veilig lassen en het omgaan met gevaarlijke materialen. Ook leren ze eerste hulp toe te passen. Terug in India gaan zij deze kennis aan vijftien andere trainers doorgeven.

Koppelbazen
“De meeste arbeiders van de sloopstranden zijn arme migranten uit het noorden van het land die door koppelbazen te werk worden gesteld”, vertelt Rane. “Vaak spreken ze de taal niet en van veiligheidsmaatregelen hebben ze nog nooit gehoord.” “Hierdoor en door de druk die de bazen op het personeel leggen om maar zo hard mogelijk te werken, gebeuren er regelmatig ongelukken op de werkvloer”, weet Patel die als opzichter op de werf van Alang werkte totdat hij vanwege zijn vakbondswerk werd ontslagen.

Botbreuken, snijwonden, brandwonden en oogletsel zijn aan de orde van de dag, weet hij. Af en toe gebeuren er ook dodelijke ongelukken. “Van januari 2009 tot oktober 2011 zijn er alleen al in Alang 30 scheepsslopers tijdens het werk verongelukt”, zegt Patel. Een dodelijk incident in augustus 2009 waarbij zes mensen bij een gasexplosie in de machinekamer van het schip dat ze aan het ontmantelen waren, omkwamen, staat hem nog levendig voor de geest. 

Milieuvriendelijk bouwen
Om te voorkomen dat de schepen die nu gebouwd worden, over dertig jaar voor milieuproblemen zorgen als ze gesloopt worden, is het zaak om schepen van nu zo te ontwerpen dat ze later milieu- en mensvriendelijk uit elkaar gehaald kunnen worden. Om dit te bevorderen organiseerde het IMF, de International Metalworkers Federation, onlangs in Turkije een conferentie waar scheepsbouwers en scheepsslopers elkaar konden ontmoeten. Door internationale solidariteit hoopt de bond veilige en groene werkomstandigheden te creëren.

 

MinimumloonDe strijd om een uitkering voor de nabestaanden van dat ongeluk is een belangrijk wapenfeit van de scheepsslopersbond. “Het was de eerste keer dat een werkgever gedwongen was om de nabestaanden te compenseren.” Een andere verbetering die de bonden hebben weten af te dwingen is een verhoging van het minimumloon naar 5 dollar per dag.

 

 

 

De recente toekenning van de industriële status aan de voorheen informele sloopsector heeft hierbij geholpen. Hierdoor is het arbeidsrecht van toepassing, worden inspecties uitgevoerd en hebben arbeiders recht op sociale voorzieningen. “Het probleem is alleen dat het arbeidsrecht nog nauwelijks geïmplementeerd wordt”, weet Rane. “Daar moeten wij de werkgevers voor achter de broek zitten. Maar we zijn op de goede weg. De belangrijkste verandering is dat arbeiders dankzij ons nu een stem hebben.”

 

 

Internationale solidariteit
De omstandigheden op de Indiase sloopstranden zijn in vergelijking met die van Pakistan en Bangladesh nog goed te noemen. Rane en Patel zijn dan ook van plan om hun ervaringen te delen met hun collega’s in die landen. “Dat is ook in ons eigen belang”, zegt Rane. “Straks raakt India banen kwijt omdat scheepseigenaren vanwege de regels uitwijken naar Pakistan en Bangladesh.”

Nederlandse bedrijven betalen mee
Het project van FNV Mondiaal en FNV Bondgenoten in India wordt medegefinancierd door Nederlandse chemie- en offshorebedrijven. Sinds 1999 weet cao-onderhandelaar Henk Korthof hiervoor bijdrages van bedrijven los te krijgen. “De bedrijven waren in eerste instantie bang dat dat geld in een grote pot van FNV Mondiaal zou verdwijnen, maar toen ik ze beloofde dat het geld naar concrete projecten, zoals dit project in India, zou gaan gingen ze overstag.” Alleen al bij de afgelopen cao-onderhandelingen wist Korthof ruim 300.000 euro binnen te halen. Dankzij de bijdrage van bedrijven voor internationale solidariteit kan FNV Mondiaal, die tevens geld ontvangt van het ministerie van buitenlandse zaken, ook projecten uitvoeren in landen die niet op de lijst staan van landen die buitenlandse zaken steunt, zoals India.

 

Foto boven: Vrouwen aan het werk in Alang, India (cc), Gabuchan.

 

 

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)
670

Marianne Wilschut is een Nederlandse journalist. Ze schrijft onder andere voor Trouw en OneWorld.
Profielpagina