Tien duurzame toppers uit opkomende markten

06-12-2011
Door: Marianne Wilschut
Bron: World Economic Forum
Handelaren op de beurs van Sao Paulo, (cc) Rafael Matsunaga.

De groei van opkomende economieën als India, Brazilië, Zuid-Afrika en China geeft hoop, maar leidt ook tot zorgen. Kan de planeet het straks wel aan als al die nieuwe welvarende wereldburgers meer gaan consumeren? Dat je tegelijkertijd kunt groeien én oog kunt hebben voor het milieu en de maatschappij bewijzen de duurzame bedrijven uit opkomende economieën die het World Economic Forum onlangs selecteerde als voorbeelden van duurzame toppers.

1 Florida Ice & Farm, Costa Rica.
Om haar waterconsumptie te compenseren, betaalt Florida Ice & Farm, de Costa Ricaanse producent van frisdranken als Pepsi en Heinekenbier lokale gemeenschappen om water op te vangen. Ook stelt het bedrijf werknemers beschikbaar om mee te bouwen aan drinkwaterinstallaties in arme dorpen. Het bedrijf wil in 2017 volledig CO2-neutraal opereren.

2 Woolworths, Zuid-Afrika
Woolworths was de eerste Zuid-Afrikaanse winkelketen die een milieuvriendelijke kledinglijn in de rekken had hangen. De kleine boeren die deze biologische katoen produceren krijgen training in milieuvriendelijke landbouwtechnieken. Daarnaast krijgt het bedrijf een pluim van het WEF omdat het druk uitoefent op de Zuid-Afrikaanse regering om de landbouw, arbeidsrechten en het onderwijs in het land te verbeteren.

3 Shree Cement, India
Cement is een gulzig goedje, voor de productie ervan zijn niet alleen kalksteen, silicium, ijzer en aluminium nodig maar ook veel chemicaliën, energie en water. Het Indiase Shree Cement ontwikkelde een productieproces waarbij minder water en brandstof nodig is en waarvan de CO2-uitstoot beperkt is. Daarnaast geeft het bedrijf gratis gezondheidszorg aan de mensen die in een straal van 20 km. van hun fabrieken leven.

4 Zhangzidao Fishery Group, China
De kweekvisindustrie is de sterkst stijgende voedselsector in de wereld. De vissen die vaak in vijvers of in grote kooien in zee worden gefokt, eten zelf vaak ook vis. Voor een kilo kweekzalm is ongeveer drie tot vier kilo wilde vis nodig. Daarnaast zijn viskwekerijen vaak grote vervuilers en ziekteverspreiders. In haar 'oceaanranch' in de Gele Zee, kweekt de Chinese viskweker Zhangzidao,onder meer zeekomkommers en schelpdieren op een manier waarbij het ecosysteem beter in balans is. Soorten die gevoerd moeten worden met vis, leven naast soorten die hun voedingsstoffen halen van de gevoerde soorten.

5 Sekem, Egypte
Graan in de woestijn, die droom heeft de Egyptische biologische voedselproducent Sekem. Sekem was het eerste bedrijf in Afrika dat in 1990 met de teelt van biologische katoen begon. Sekem wist de Egyptische overheid ervan te overtuigen dat het grootschalige gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen moest stoppen. Sekem, is een non-profit organisatie, alle winsten worden gedeeld met de fair trade boeren die voor Sekem produceren.

6. Natura, Brazilië
De bonuscultuur is ook doorgedrongen bij het Braziliaanse Natura, alleen dan wel een tikkeltje anders dan die bij veel grote banken. Het natuurcosmeticabedrijf keert namelijk bonussen uit aan werknemers die een goed idee hebben waarmee de milieubelasting van het bedrijf kan worden teruggebracht. Alle grondstoffen voor de lotions, lippenstiften en parfums worden door kleine producenten samen met lokale maatschappelijke organisaties op een zo duurzaam mogelijke manier geproduceerd. Voor de verpakkingen gebruikt het bedrijf uitsluitend duurzame materialen.

7 Equity Bank, Kenia
Landbouw is voor veel Kenianen een belangrijke inkomstenbron. Veel banken zien kleine boeren echter als te risicovol om leningen aan te verstrekken. Equity Bank, de grootste bank in het Oost-Afrikaanse land, heeft met een microkredietsysteem en een programma voor bankieren via de mobiele telefoon talloze Kenianen die voorheen geen bankrekening hadden, op het financiële net aangesloten. Bij de leningen die de bank aan landbouwprojecten verstrekt, kijkt het bovendien naar de impact van het project op het milieu.

8 Masisa, Chili
Ontbossing is een belangrijk probleem in Latijns-Amerika. Masisa, een Chileens houtbedrijf met vestigingen in onder meer Chili, Argentinië, Brazilië, Venezuela en Mexico, probeert zo zorgvuldig mogelijk met haar grondstoffen en toeleveranciers om te gaan. Het bedrijf produceert houten panelen voor meubels. Het huurt daarvoor onder meer kleine timmerlui in die een opleiding van Masisa krijgen. Daarnaast maakt het bedrijf zich hard bij de regeringen van de landen waarin het opereert voor betere natuurwetgeving, het werkt daarbij nauw samen met het Wereldnatuurfonds.

9 Manila water company, Filippijnen
Driekwart van de huishoudens in het oosten van miljoenenstad Manila had in 1997 geen drinkwateraansluiting. De vaak arme huishoudens moesten grof geld betalen aan de exploitanten van drinkwatertrucks die door de wijken reden. Sinds de Manila Water Company dat jaar een concessie kreeg van de Filippijnse regering is het aantal huishoudens met een drinkwateraansluiting verdubbeld van 3 miljoen naar 6,1 miljoen, waaronder 1,6 miljoen arme gezinnen. Het bedrijf koopt 80 procent van haar materialen lokaal in en werkt zoveel mogelijk met lokale ondernemers en maatschappelijke organisaties samen. Om de waterreserves in de Filippijnen op peil te houden, ondersteunt het bedrijf bovendien herbebossingsprojecten.

10 New Britain Palm oil, Papoea-Nieuw-Guinea
Voor de aanleg van oliepalmplantages wordt in Zuidoost-Azie veel waardevol tropisch bos gekapt, met alle gevolgen van dien voor de plant- en diersoorten en lokale gemeenschappen die er leven en de uitstoot van broeikasgassen. Het in Papoea-Nieuw-Guinea gevestigde New Britain Palm Oil was een van de eerste palmolieproducenten die op een duurzame manier werkte. Het bedrijf brandt geen stukken bos plat, en plant nieuwe plantages voornamelijk aan op grasland. Ook probeert het bedrijf erosie van de grond te voorkomen en gaat het het gebruik van bestrijdingsmiddelen zoveel mogelijk tegen. Dit alles doet het bedrijf in samenspraak met lokale maatschappelijke organisaties.

Foto boven: Handelaren op de beurs van Sao Paulo, (cc) Rafael Matsunaga.

Marianne Wilschut

Marianne Wilschut is een Nederlandse journalist....

Lees meer van deze auteur >

Reacties