Voorzichtige ommekeer brain drain?

19-04-2012
Door: Nils Elzenga
Klaslokaal in de University of Liberia in Monrovia

Brain drain is een van de grootste problemen van arme landen. De term werd kort na de tweede wereldoorlog bedacht door de deftige Britse Royal Society (stichtingsjaar 1660) en beschreef destijds het massale vertrek van Europese wetenschappers en technici naar de Verenigde Staten. Sindsdien kreeg brain drain een bredere betekenis. Als ik er wikipedia even mag bijhalen: ‘Het vertrek van hoogopgeleide mensen uit een land, economische sector of werkveld – meestal in verband met betere salarissen en leefomstandigheden elders.’ Vrij vertaald naar de praktijk: arme landen verliezen hun beste mensen aan rijke landen. En dat op schrikbarend grote schaal.

Hier in West-Afrika is het probleem nauwelijks te overschatten. Het onderwijs is op veel plekken zo dramatisch dat iedereen die het zich kan veroorloven zijn kinderen op buitenlandse scholen parkeert. Over het algemeen zijn dat scholen in het Westen, maar in Nigeria sprak ik ook ouders met kinderen die studeerden in China. Vergelijkbare kwaliteit inmiddels schijnbaar, en veel goedkoper. Maar goed, waarheen de ‘lucky few’ West-Afrikanen ook gaan, na hun opleiding komen de meesten niet meer terug. Immers: ‘betere salarissen en leefomstandigheden elders.’

Niettemin heb ik op mijn reizen door West-Afrika het idee gekregen dat er een voorzichtige tegenbeweging aan het ontstaan is. Dat er, met andere woorden, een groeiende groep in het buitenland opgeleide West-Afrikanen is die kiest voor terugkeer.

Een enkeling handelt puur uit pragmatisme. In Lagos sprak ik jonge Nigerianen die in Londen of New York carrière hadden gemaakt in de financiële sector. Door de crisis was hun salaris omlaag gegaan of hadden ze zelfs hun baan verloren. Dus hadden ze besloten tot voortzetting van hun loopbaan in Lagos, een Afrikaanse metropool met een groeiend en bloeiend bankwezen en minstens zoveel modern vermaak als in Westerse miljoenensteden.

Maar de meeste hoogopgeleide West-Afrikanen komen volgens mij terug uit idealisme. In Dakar trof ik recent twee prachtige voorbeelden. Eerst sprak ik met Cheikh Tidiane Cissé, een pas 38-jarige hoogleraar geografie aan de grootste universiteit van Dakar. Cissé’s hele familie woont in Bretagne en zelf werkte hij jarenlang in Genève. Hij verruilde die stad – bekend om zijn uitstekende levenskwaliteit – anderhalf jaar geleden voor zijn geboortestad Dakar omdat hij ‘Afrika wil helpen door kennisoverdracht.’ Daarbij heeft Cissé het niet alleen over vakkennis: “Veel Afrikanen hebben een totaal verdraaid beeld van het Westen, net zoals Westerlingen dat vaak hebben van Afrika. Ik ken beide werelden en kan dus veel misverstanden wegnemen.” 

Enkele dagen na Cissé interviewde ik Dr. Abou Fall (39), een politiek analist die niet alleen qua leeftijd op Cissé lijkt. Ook Fall is pas kort terug na lang en succesvol verblijf in Europa. Hij studeerde en promoveerde in Toulouse en doceerde er jarenlang aan de universiteit. En ook Fall kwam huiswaarts omdat hij zich wil inzetten voor Afrika’s ontwikkeling. In Dakar werkt hij voor een Zuid-Afrikaanse denktank en voor een private universiteit.

Ik hoop van harte dat mensen als Cissé en Fall de voorhoede vormen van een zo massaal mogelijke ‘brain return’. Want één ding weet ik zeker: van hun slag kan Afrika er meer gebruiken. Veel meer.

 

 

 

Reacties